Twitter logo Linkedin logo Pinterest logo
Logo Stichting Living Daylights
Plaatsingsdatum
11 december 2014

Interview met Living Daylights-expert Mariëlle Aarts

Mariëlle Aarts is als docent licht en verlichting verbonden aan de Technische Universiteit Eindhoven (TU/E).  Daarnaast is ze verbonden aan het ILI (Intelligent Lighting Institute) en is ze bestuurslid van SOLG (Stichting Onderzoek Licht en Gezondheid). We legden haar acht vragen voor.

 

Wat is jouw fascinatie met licht?

“Licht is onzichtbaar maar desalniettemin essentieel om te kunnen zien. Het beïnvloedt ons middels verschillende verschijningsvormen. Licht kan ons laten verwonderen, zorgen dat we ons veilig voelen, ons allerter maken, ons goed laten voelen en zelfs winterdepressies verminderen. Daarnaast is licht complex en laat het daglicht zich moeilijk voorspellen. Deze invloed op mensen en complexiteit maakt dat we onze zoektocht naar ‘het ideale licht’ nog niet kunnen staken.”

 

Hoe ziet een college van je er inhoudelijk uit?

“Ik geef verschillende colleges aan verschillende groepen studenten, dus elk college is anders; aan 250 eerstejaars studenten zal ik meer over de basis van licht vertellen dan aan een groep afstudeerders. De boodschap die ik bouwkunde studenten mee wil geven is dat een goed (dag) lichtontwerp een belangrijke meerwaarde biedt aan het gebouw. Dit doe ik door ze, waar mogelijk, het licht ook zelf te laten ervaren en te laten meten waardoor het tastbaarder wordt en dus eenvoudiger om toe te passen.”

 

Zijn toekomstige architecten, ontwerpers en bouwkundig ingenieurs bewust van de kwaliteiten van daglicht?

“Samen met mijn collega’s wordt het belang van daglicht in een gebouw zoveel mogelijk onder de aandacht gebracht. Helaas zijn er naast het licht zoveel andere aspecten waar rekening mee gehouden moet worden zoals: blijft het gebouw wel staan, hoe kan het energieverbruik worden verminderd, ziet het er goed uit, etc.”

 

Je laat studenten met lichtontwerptools van zelf ontworpen gebouwen de (dag)lichtkwaliteit analyseren. Levert dit andere ontwerpen op?

“Je kunt licht alleen meenemen in je ontwerp als je begrijpt wat de invloed is. Door studenten zelf het licht te laten meten/berekenen/analyseren kunnen ze een deel van de complexiteit doorgronden. Vaak zijn ze zelf verrast over het resultaat.”

 

Wat vind je een geslaagd gebouw als het om daglichttoetreding gaat?

“Een goed daglichtgebouw zou wat mij betreft de gebruiker moeten ondersteunen in zijn activiteiten. Daarnaast moet het daglicht de kans krijgen om dynamiek te tonen en de gebruiker prikkelen.”

 

We krijgen steeds meer wetenschappelijke onderbouwingen dat toetreding van daglicht direct is te linken aan de gezondheid van mensen in een kantooromgeving. Heeft dat het inzicht in het ontwerpen van gebouwen veel veranderd? “Ja, het belang van licht is hierdoor wel groter geworden. Ontwierpen we vijftien jaar geleden voornamelijk vanuit een energetische doelstelling, momenteel zijn ook de maatschappelijke belangen op gebied van gezondheid zeker zo belangrijk. Als je kijkt naar woonzorgcentra voor ouderen dan zie je dat het belang van licht daar steeds meer onderkend wordt. En wordt er, waar mogelijk, ook anders gebouwd. Als de wetenschappelijke onderzoeken voldoende de belangen van daglicht op kantoormedewerkers aantoont, zal dit ook van invloed zijn op de manier van bouwen. Een hieraan gerelateerde financiële prikkel kan het proces versnellen. Als men aan kan tonen dat beter daglichtgebruik resulteert in lagere verzuimkosten is de directie van een bedrijf eenvoudiger te overtuigen van de directe belangen.”

 

Moeten bedrijven in de  bouw meer de samenwerking met universiteiten zoeken of doen ze dat al voldoende?

“Ik denk dat van samenwerken iedereen beter wordt. Universiteiten worden door het bedrijfsleven vaak gezien als niet toepassingsgericht. Terwijl volgens universiteiten veel bedrijven alleen geïnteresseerd zijn in snelle oplossingen. Met de hulp van studenten, die binnen een beperkte tijd een onderzoek moeten uitvoeren kunnen bepaalde vragen, met beperkte middelen snel beantwoord worden. Studenten waarderen ook het kunnen werken aan een ‘echte’ vraag. Andere vragen vergen meer tijd en een wetenschappelijk publiceerbare aanpak. Om dergelijke onderzoeken te kunnen verrichten zijn er diverse mogelijkheden om hiervoor subsidie aan te vragen. Op deze manier kan de afstand tussen bedrijven en kennisinstellingen verkleind worden.”

 

Wat zijn de onderwerpen die je in je bijdragen voor deze site aan de orde wil laten komen?

“Belang van daglicht, onderwijs van daglicht en het overdragen van kennis.”