Twitter logo Linkedin logo Pinterest logo
Logo Stichting Living Daylights
Plaatsingsdatum
14 april 2016

Daglichtaspecten – Hoe vergroot je de waarde van een woning?

Op verzoek van de Living Daylights belicht architect Sechmet Bötger iedere maand een daglichtaspect. Dit keer laat ze zien waar je op kunt letten als koper of ontwerper van een huis.

 

Vorig jaar heb ik een nieuw woonhuis gekocht en na lang wikken en wegen heb ik toch gekozen voor een hoekhuis. En dat was natuurlijk niet voor niets. In een hoekhuis is meer licht. Er zijn meer ramen en de ramen zijn op drie verschillende oriëntaties gericht. Volgens de makelaar is een huis met meer licht en ‘gevarieerder’ licht meer waard.

 

Toen ik dat hoorde dacht ik, ik koop dus eigenlijk niet alleen stenen, maar ik koop licht en lichtinval. En ik koop dus ramen. Maar wat is dat eigenlijk een optimaal belichte woonruimte? Hoe kunnen architecten, ontwikkelaars en huizenbezitters, de lichtkwaliteit van onze nieuwe woningvoorraad vergroten en daarmee de waarde onze huizen vergroten?

 

Daglichtberekeningen

In het bouwbesluit wordt de minimale hoeveelheid licht in een verblijfsruimte vastgelegd. De grootte van het raam is daar in wel bepalend. Maar de eis voor de hoeveelheid licht die er binnen moet komen is minimaal. En dat is jammer want we zijn in Nederland geneigd om het bouwbesluit niet als minimale eis te zien. Maar in te zetten als ‘de eis’. En dan verliezen we dus uit het zicht dat woningen met meer licht meer waard zijn.

 

Wat is een optimaal belichte ruimte?

Hoe meer het licht sprankelt in een ruimte hoe optimaler de raampartijen die zijn gekozen. Idealer wijze zijn de verhoudingen van de ruimte in harmonie met de raamopening(en) en het soort licht dat daardoor naar binnen valt. Maar hoe krijg je dat voor elkaar? Moet er niet gewoon een mooie gevel komen? En hoe zit het met uitzicht? Hoe hoog komt de vensterbank van het raam en hoe zit dat dan met veiligheid, c.q. doorval? Wat is de oriëntatie van de ruimte en wat is dus het soort licht en de kleur van het licht dat in de woning binnenkomt?

 

Orëntatie en bezonning

Mijn eigen huis is ideaal georiënteerd. Op het oosten slaap ik en wordt ik wakker met de zon. Op het zuiden is mijn eetkeuken voor een zonnig ontbijt en lunch en mijn woonkamer ligt op het westen voor een gezellig avonddiner bij ondergaande zon. Ik heb dus alle zon-oriëntaties in mijn zon- en gebruiksvriendelijke huis. Alle kamers hebben een kamerbreed raam. Zodat er meer dan voldoende licht en zon binnenkomt. Een simpel principe dat ook het uitzicht bevorderd. Dit huis is uit 1969. In die tijd maakten we heel grote ramen.

 

Uitzicht

Tegenwoordig maken we graag verticale ramen. Dat vinden we mooi in het gevelbeeld. Maar heel vaak zijn die ramen te klein voor de ruimtes die achter de ramen schuil gaan. Ik heb op mijn zoektocht naar woningen op Borneo Sporenburg (bouw ong. 1985) in een woonkamers gestaan met potentieel uitzicht op het water en de boten. Maar tot mijn verbijstering was een statige architectuur met een massieve dichte gevel belangrijker voor de architect. Een 60cm breed verticaal raam framede dit beroemde uitzicht.

 

Waarom houden we van hoge ruimten?

Vroeger waren de verdiepingshoogten van een woning een manier om te laten zien hoe rijk je was. En dus hoeveel licht je diep in je woning kon laten vallen. Tegenwoordig maken we alle woningen, ook de woningen in het dure segment met een gelijke verdiepingshoogte. Vanuit daglicht en meerwaarde gezien zouden woningen in het dure segment hogere verdiepingshoogten moeten hebben. Meer allure, meer licht, meer verkoopwaarde.

 

Hoe valt het licht binnen?

In oudere huizen (van voor de jaartelling 1920) is er erg veel aandacht besteed aan de afwerking van raam naar wand. Rond gevormde afwerklatten geven een prachtig zachte schakering van licht en schaduw. Het is een waar genoegen in zo een huis te zien hoe het licht binnen wordt verwelkomd en gestreeld. Dat is nu wel anders. Onze kozijnen zijn standaard recht en hoekig en de schaduw overgangen hard. Aan de neggen van het huis aan de binnenkant wordt geen aandacht besteed.

 

Wat is een goede kleur van een kozijn?

Tegenwoordig maken we kozijnen graag (donker) grijs. Grijs is de kleur van schaduw. En het verschil van licht naar donker is daardoor hard. Het lichte raam en het donkere kozijn maken het moeilijk voor de ogen. De contrasten zijn te groot. Zeker als de zon in het raam valt. Warm witte kozijnen met een zachte overgang tussen binnen en buiten zijn daarentegen de ideale lichtgeleiders en geven de ruimte een warme feestelijke aanblik.

 

Zonlichturen meten

Stel je koopt een woning en er is van te voren duidelijk gemaakt hoeveel zonlichturen de woning heeft en op welke gevelvlakken en door welk raam dit valt. Buiten Nederland wordt in stedenbouwkundige verkavelingen op deze manier gekeken naar woningen. In theorie mogen wij woningen maken zonder zonlicht. Wellicht iets om aan te werken met elkaar.

 

Energie-neutraal bouwen

Natuurlijk zijn we nu allemaal energie neutrale woningen aan het maken. Maar als we alleen vanuit energie naar een woning kijken vergeten we dat daglicht gezond is en maken we kamers met kleine ramen in dikke muren. Wat mij betreft een te eenzijdige benadering. Het wordt tijd om gezondheid en daglicht mee te nemen in onze ontwikkel- en ontwerpbesluiten. Op naar lichte woningen met een hogere verkoopwaarde.

 

Ir Sechmet Bötger

Sechmet Bötger is eigenaar/architect van architectuurstudio innerarchitecture