Hoewel de lezingen van internationaal gerenommeerde wetenschappers indrukwekkende titles droegen titels ‘The Biological Clock, Light and Architecture’, ‘Lighting design for institutionalised people with dementia symptoms’ en ‘Effect of Age on Non-visual Light Responses’, was de dag uitermate toegankelijk voor zowel onderzoekers als ontwerpers of installateurs. Stichting Living Daylights bezocht voor u deze inspirerende dag om een vertaalslag te maken van de wetenschap naar de ontwerppraktijk. De gepresenteerde resultaten van betere verlichting waren dusdanig overtuigend, dat de dag haast een moreel pleidooi was voor meer daglicht in (zorg)gebouwen. Architecten mogen dit onderwerp niet links laten liggen.
Lichtritme
De achtergrond van een aantal sprekers lag in de chronobiologie en het thema biologische klok kwam daardoor regelmatig terug. De chronobiologie bestudeert de rol van de tijd in biologische processen. Zo’n cyclisch proces is bijvoorbeeld het slaapwaakritme. Een verstoring van ritme kan leiden tot verlies van slaap, energie, eetlust en concentratie.. Ernstige verstoring van onze blootstelling aan daglicht kan zelfs leiden tot een depressie.
Om ons goed te voelen, goed te kunnen presteren en lichamelijk in goede gezondheid te blijven, is het belangrijk om in het juiste ritme te blijven, ook wel het synchroniseren van de biologische klok genoemd.
Hiervoor heeft de mens een regelmatige ‘Zeitgeber’ nodig. Een serie wetenschappelijke doorbraken tussen 1980 en 2003 heeft duidelijk gemaakt dat licht via bepaalde cellen op het netvlies ervoor zorgt dat onze biologische klok gesynchroniseerd wordt. Het meeste effect blijkt licht in de ochtend en in de avond te hebben. Sindsdien wordt licht succesvol ingezet als therapie voor bijvoorbeeld winterdepressies.
Ouderen
Een verstoring van ritme is ook een bekend symptoom van dementiepatiënten. Hoewel licht in dit geval daarvan niet de oorzaak is, blijkt het wel een effectief middel om hun ritme te verbeteren. Verschillende sprekers hadden de verlichtingssterkte in verzorgingshuizen en ouderenwoningen gemeten. Zij toonden opvallende meetresultaten: de leefruimtes van ouderen zijn veel te donker voor ouderen om te kunnen functioneren, laat staan dat hun slaap/waakritme erdoor gesynchroniseerd kan blijven. Alle sprekers waren het er over eens dat beter licht de kwaliteit van leven voor ouderen kan verbeteren.
Verstoring
De hoeveelheid licht die nodig is om als synchronisatiepuls te kunnen dienen, is behoorlijk hoog: minimaal 1000 lux verticaal op het oog. Dat is veel minder dan de voor een kantoorwerkplek voorgeschreven 500 lux horizontaal op het werkvlak. We brengen tegenwoordig meer dan 90% van onze tijd binnen door, onder veel te lage verlichtingsniveaus. We leven als het ware in biologische duisternis. Tegelijkertijd ontvangen we ’s avonds eigenlijk teveel (blauw!) licht van tv-schermen en computers. Dit onnatuurlijke verlichtingspatroon heeft gevolgen voor onze gezondheid.
Er werden op het symposium verschillende onderzoeken aangehaald die op een duidelijk verband wijzen tussen een natuurlijk licht/donker ritme en goede gezondheid, zoals bijvoorbeeld afname van depressies en eerder herstel na operaties.
Architecten
Wat betekent deze kennis nu voor architecten? Om in deze biologische, niet-visuele lichtbehoefte te voorzien, zouden er veel hogere verlichtingsniveaus in gebouwen gerealiseerd moeten worden. Het liefst met daglicht, omdat het in overvloed en in hoge intensiteit aanwezig is en vanwege de dynamiek, die ook een ‘Zeitgeber’ is (denk aan sterkte, richting en kleur).
Behalve de hoeveelheid licht gaat het ook om de timing: de stimulus moet afgestemd zijn op het tijdstip van de dag. Architecten zouden natuurlijke cycli als dag en nacht maar ook de seizoenen een prominentere rol in hun ontwerpen moeten geven. Een voor de hand liggend voorbeeld is een slaapkamer op het oosten, waar het daglicht bewoners door het jaar heen ’s ochtends op het juiste moment activeert. De biologische klok van tieners schuift op en ze hebben daardoor moeite met opstaan en gaan laat naar bed. De schooldag zou bijvoorbeeld kunnen beginnen met een extra dosis licht zodat iedereen goed bij de les is. Dementerende ouderen hebben specifieke andere problemen: zij ontvangen minder licht op hun netvlies en verliezen een regelmatig slaap/waakritme. Hiervoor is aangetoond dat daglicht ook een preventieve werking heeft: de cognitieve achteruitgang gaat langzamer, in dezelfde orde van grootte als medicijnen momenteel bereiken. Daglicht zou een veel grotere rol toebedeeld moeten krijgen in het ontwerp van (ouderen)woningen.
Aan de slag
Veel van de sprekers haalden aan dat er nu toch echt voldoende bewijs ligt om deze kennis toe te passen, ook al willen de wetenschappers vanzelfsprekend meer onderzoek doen. We moeten gaan uitproberen hoever we komen met de huidige kennis en wat we van de resultaten kunnen leren.
Een ander veel gehoord commentaar is: “dat vindt de architect niet mooi”. Wordt het dan niet hoog tijd dat architecten zich met de vormgeving van gezonde verlichting gaan bemoeien, zodat het wél mooi wordt? De nood is niet alleen hoog in de zorgsector met een toenemend aantal ouderen en volstrekt ontoereikende verlichting, betere verlichting komt de gezondheid van iedereen ten goede.
Werkgroep Zorg voor Daglicht
Het inspirerende symposium maakte maar weer eens duidelijk dat er ontzettend veel kennis beschikbaar is, maar dat die niet vaak bekend is en nog minder vaak wordt toegepast. De werkgroep Zorg voor Daglicht van Stichting Living Daylights wil daar graag verandering in brengen. Hiervoor is zij op zoek naar enthousiaste deelnemers uit de gelederen van bijvoorbeeld architecten, lichtontwerpers, huisvestingsadviseurs en zorgcorporaties. Heeft u interesse? Neem dan contact op met Erwin van Veldhoven.
[foto: SOLG]

























Nieuwe reactie inzenden