Het grootste deel van de dag kunnen we daglicht benutten. Meer dan de helft van de 7 miljard mensen op aarde woont in steden. Duurzaam bouwen mag daarom wel wat extra aandacht hebben. Deze aspecten kregen de meeste aandacht tijdens de Avond van de Duurzaamheid op 10 november bij Casla. Vooral de relatie tussen mens en gebouw werd onder de loep gelegd.
Veel met de manier waarop je je prettig voelt in een gebouw of huis heeft te maken met de hoeveelheid daglicht die in een dergelijke omgeving toetreedt. Een zo groot mogelijke daglichttoetreding is van groot belang omdat dit de mensen activeert, zei Hermen Jansen van Aldus Bouwinnovatie. “Het grootste deel van de dag is het benutten van daglicht mogelijk. Maak daar dan ook gebruik van”, liet hij weten. Nog niet iedereen lijkt daarvan doordrongen.
Meer dan de helft van de zeven miljard bewoners van onze aarde woont in steden. “Het is daarom belangrijk dat duurzaamheid in het bouwproces alle aandacht krijgt”, ging hij verder. “Duurzaamheid is in feite omgaan met schaarste en we willen immers ook onze welvaart behouden.” Er zijn nogal wat mogelijkheden om toe te passen in een woning of een gebouw: CO2-neutraal, passief bouwen, EPC, active house. De professional vraagt zich daarbij nogal eens af: wat moet ik van deze opties toepassen?
“Dat is niet zo moeilijk”, aldus Jansen. “Iets ondernemen wat op de mens gericht is. Dat wordt tot nu toe helaas te weinig gedaan.” Duurzaam en gezond: dat is, volgens hem, de ideale combinatie. “Dan voel je je prettig. Een goede aanpak daarbij is wat officieel heet ‘Bouwen met Glas en Groen’, kortweg BGG, integraal toegepast in de bouw.
De Nederlandse glastuinbouw reikt daarbij reeds oplossingen aan die het samenspel tussen daglicht, groen en het binnenklimaat optimaal benutten. BGG past deze op zijn beurt toe in de woningbouw en utiliteitsbouw. Daarvoor bestaat een breed stimuleringsprogramma. Het omvat innovatie, advies, opleiding, publicaties en tal van seminars en excursies. Mooie voorbeelden hiervan zijn Villa Flora van Jón Kristinsson, de Christelijke Agrarische Hogeschool in Dronten van BDG Architecten en IBN, Wageningen, van Behnisch Architecten. Hij noemde ook Active House, een bouwvisie en tevens internationaal project waarbij de drie pijlers binnenklimaat, energie en milieu van belang zijn. De volgende spreker, Harold van der Koedijk van Velux ging daar op in.
Dit bedrijf, bekend van de kanteldakramen, is daarbij betrokken. Velux (combinatie van Ventiliatie en Lux – licht) werd tot voor kort benaderd als alles in en rondom een huis of gebouw al geregeld was. Of er dan een aantal van die prachtige ramen ingezet konden worden. “We wilden echter meer”, lichtte Van der Koedijk toe. “We vonden het prettig als we eerder bij het geheel betrokken worden en niet aan het eind van de rit. Liever tijdens het voortraject dus.”
Binnenklimaat
Dat werd bereikt door kennis en visie met de bouwpartners te gaan delen. “We brengen 90 procent van onze tijd in gebouwen door, 30 procent van de gebouwen hebben een ongezond binnenklimaat en ook moet het energieverbruik nog eens fors teruggedrongen worden. De overheid wilde naar 20 procent toe, dat wordt 14 procent.”
Hoe is zoiets mogelijk? Door de mens centraal te stellen. Leefbaarheid en energie in het ontwerp moeten elkaar in evenwicht houden. Natuurlijk ventileren is daarbij van groot belang. Sinds begin jaren 90, experimenteert VELUX met demonstratiehuizen; klimaatneutrale gebouwen met veel aandacht voor leefbaarheid, dankzij gebalanceerd daglicht, natuurlijke ventilatie en het gebruik van gezonde bouwmaterialen. De visie voor toekomstige leefomgevingen wordt het Model Home 2020 genoemd.
In twee jaar tijd worden zes modelwoningen gebouwd in verschillende landen. Elk concept is een visionair voorbeeld van toekomstige woningen en een mogelijkheid om de ideeën achter Model Home 2020 te testen en verder te ontwikkelen. Een belangrijk kenmerk in het ontwerp zijn de positie van het huis en die van de ramen ten opzichte van de zon- en windrichting.
Visualiseren
Architect Raymond van Hattum, werkzaam voor Velux, ging vervolgens in op de aanpak van dit bedrijf richting bouwpartners. Dit heeft een fraai programma ontwikkeld waarbij de invloed van daglicht op een woning gevisualiseerd kan worden. “Je ziet wat de lichttoetreding doet”, aldus Van Hattum. Ook wordt met het programma het effect van zonwering zichtbaar. En wordt snel het energieverbruik helder. “Ik zou zeggen: architecten, doe er je voordeel mee. Je kunt aan een opdrachtgever wat extra’s tonen. Je kunt ze beter overtuigen of een bepaalde investering de moeite waard is”, aldus Van Hattum.
Vervolgens gaf architect Sander Mirck met twee sprekende voorbeelden, van woningen in Almere (een in Overgooi en een in Noorderplassen-West) wat je kunt bereiken met een zo groot mogelijke toepassing van dag- en zonlicht. Mirck is betrokken bij Stichting Living Daylights. De villa in Overgooi is voorzien van een zware buitenmuur van Belgisch leisteen en bij een wandeling erlangs is een rij zonnecollectoren te zien. Het dak, van koper, kan naar het noorden worden geopend, waarmee er veel daglicht naar binnen stroomt. Ook het zonlicht kan binnendringen in het huis, wat voor een erg lichte woning zorgt. De woning telt maar liefst 305 ramen.
Lariks
Het mooiste werd voor het laatste bewaard: de woning in de Noorderplassen is vervaardigd van lariks: er is maar liefst 1 km latten van deze houtsoort verwerkt in de woning (evenals 27 houten kolommen overigens). “Dit project leende zich perfect om in een kubus te realiseren. De kavel was negen meter breed, ik mocht negen meter hoog bouwen en de diepte kon daarom ook het best negen meter worden. Het is een prachtige locatie met een fraai uitzicht richting het IJsselmeer en Marken bijvoorbeeld. Een dakterras aanbrengen was daarom logisch, en trouwens ook een voorwaarde van de opdrachtgever”, aldus Mirck. Ook hij heeft vooraf alles aan de toekomstig gebruiker kunnen visualiseren.
De overstek wordt op de zuidwest zijde benut als zonwering en een 90 graden hoek schuifpui geeft de eigenaar een gigantisch uitzicht. De woonkamer is 4,1 meter hoog en de kubus wordt met split levels opengetrokken. Aan de noordgevel wordt veel licht binnengelaten. Het geeft het huis, ook al door de grote daglichtopeningen, een aparte sfeer, een waarvan de bewoners bijzonder geniet. De woning is genomineerd voor de Daglicht Architectuurprijs. “Het is verbazingwekkend hoeveel licht er uit daklicht komt. Veel meer dan via de gevel. Dat is echt genieten geblazen”, besluit Mirck.
Bijdrage: Thijs Wartenbergh

























Nieuwe reactie inzenden